#86 Het verschijnsel taal

Er zijn zaken in het leven die onbegrijpelijk lijken. Neem zoiets als ‘woorden’, ook ‘taal’ genoemd. Blijkbaar kun je als pasgeboren mens jaren zonder zulke hulpmiddelen. En dan, op een dag, wijst je vader of je moeder naar een object en geeft het een naam. ‘Vogel, koe, trein, auto, stoep, deur’, enzovoorts. Jij herhaalt die klank – keer op keer – ‘Vogel, koe, trein… en na verloop van tijd zeg je ‘pappa’ en ‘mamma’ tegen je ouders en wijst naar een vogel in de lucht en roept zijn naam.Daar waar je woont begrijpt men jou – vanaf nu’. Denk je.

Wat me doet denken aan ‘het verhaal van de slak’ dat ik in 1980 tegenkwam in London op een cassette met een BBC-interview van Pat Williams met Idries Shah.

ER KWAM EEN MAN VOORBIJ EN HIJ ZAG EEN GROTE SLAK IN EEN SPLEET IN EEN MUUR. Zonder een ​​bepaalde reden zei hij: ‘Hallo Slak’. Vreemd genoeg kon de slak praten en hem horen en zei hij ‘Hallo’. Hij bewoog zijn ogen zo goed als hij kon op zijn stokken om te zien wat daar tegenover hem stond. Dus de man zei ‘hoor je me?’ En de slak zei ‘ja, natuurlijk’. ‘Wie en wat ben je eigenlijk?’ Dus de man zei: ‘Ik ben een mens’. En de slak zei: ‘wat is dat?’ ‘Nou, wij zijn zoiets als jij, je hebt bijvoorbeeld ogen op stokjes en wij hebben, nou ja, we hebben stokjes aan de andere kant’ . En de slak zei ‘de andere kant?’ En de man zei: ‘Ja, een momentje, het is om je voeten op te zetten, zie je, en deze voeten…’. ‘Waar zijn die voeten voor?’ zei de slak. Dus de man zei: ‘de voeten zijn om heel snel voort te bewegen’. Waarop de slak zei: ‘je verbaast me echt’. ‘Is er ‘nog’ iets bijzonders aan je?’ De man zei: ‘nou… je weet wel, jij hebt je huis op je rug’. Waarop de slak zei ‘ja, ja…’. ‘Dat doen wij niet’ zei de man ‘we hebben heel veel huizen en we gaan er voortdurend in en uit.’ ‘Maar’ zei de slak, ‘je bent echt een heel verbazingwekkend soort schepsel’. ‘Is er nog iets vreemds aan je?’ En de man zei: ‘nou, een mens kan zoiets als een blad nemen, weet je… een blad?’ ‘Ja, ik ken een blad’, zei de slak. ‘Nou’, zei de man, ‘we kunnen merktekens op het blad maken en dit blad aan een andere man geven die het blad aan een derde man kan geven die aan de merktekens op het blad kan zien wat de eerste man dacht’. ‘Aha’ zei de slak, ‘ik begrijp het, jij bent een van hen’. ‘Hmm’. En de man zei ‘wat bedoel je?’ De slak zei ‘je bent een leugenaar’. En het probleem met jullie leugenaars is dat je één leugen vertelt, en dan vertel je een grotere leugen, en uiteindelijk ga je te ver.’


The phenomenon of language

There are things in life that seem incomprehensible. Take something like ‘words’, also called ‘language’. Apparently, as a newborn, you can live for years without such aids. And then, one day, your father or your mother points to an object and gives it a name. ‘Bird, cow, train, car, sidewalk, door’, and so on. You repeat that sound – over and over – “Bird, cow, train… and after a while you say ‘daddy’ and ‘mummy’ to your parents and point to a bird in the sky and call its name. “Where you live, people understand you – from now on.” Do you think.

Which reminds me of ‘the story of the snail’ I came across in London in 1980 on a cassette of a BBC interview of Pat Williams with Idries Shah.

A MAN WAS WALKING ALONG AND HE SAW A SNAIL IN A LARGE CREVICE IN A WALL. And for nu particular reason he said: ‘Hello Snail’. And oddly enough the snail could speak and the snail could hear and he said ‘Hello’. And it moved its eyes around as best as it could on its stocks to look around at what was confronting him. So the man said ‘can you hear me?’ And the snail said ‘yes of course’. ‘Who and what are you anyway?’ So the man said: ‘ I am a man’. And the snail said: ‘whatever is that?’ And the man said ‘well we are something like you, for instance you’ve got eyes on stocks and we’ve got, well, we’ve got stocks on the other end’. And the snail said ‘the other end?’ And the man said ‘Yes, just a minute, its for putting your feet on you see, and these feet…’. And the snail said ‘what are these feet for?’ And the man said ‘the feet are for moving very rapidly on’. And the snail said ‘really you amaze me’. ‘Is there anything else about you peculiar?’ And the man said ‘well… you know, you’ve got your house on your back’. And the snail said ‘yes, yes…’. ‘We don’t do that’ said the man ‘we have lots and lots of houses and we go in and out of them at will all the time.’ ‘But’ said the snail, ‘you really are a most astonishing kind of creature’. ‘Is there anything else strange about you?’ And the man said ‘well now, a man can take something like a leaf, you know a leaf?’ ‘Yes I know a leaf’ said the snail. ‘Well’ said the man, ‘we can make marks on the leaf and hand this leaf to another man who could give the leaf to a third man who could tell from the marks on the leaf what the first man was thinking’. ‘Aaaahhhh’ said the snail ‘I can see, you are one of them’. ‘Hmmm’. And the man said ‘what do you mean?’ And the snail said ‘you are a liar’. And the trouble with you liars is that you tell one lie, and then you tell a bigger lie, and finally you overreach yourselves.


2 thoughts on “#86 Het verschijnsel taal

  1. Leuk verhaal! 😊
    Keer vanuit een ander perspectief.

  2. Wat un inspiratie😄

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s

%d bloggers like this:
search previous next tag category expand menu location phone mail time cart zoom edit close