#80 Het verlangen om iets te doen

‘Ga naar het westen, jongeman’. Dat moet de gedachte of het gezegde zijn dat mijn overgrootvader ertoe bewogen heeft naar Nederland te emigreren vanuit ZuidWest Bohemen in 1870. Geboren in een agrarische omgeving, maar al snel aangestoken door het virus van de moderniteit – de industrialisatie was rondom zijn geboorteplek in volle gang en hij wilde daar deel van uitmaken – mag duidelijk zijn dat zijn ambities die van zijn naaste familie overstegen.

Dat laatste feit – grote ambities – zegt niets over hoe zinvol zijn activiteiten in de lage landen zijn geweest. De vraag naar de zin van het leven, of de zin van ‘een leven’, is sowieso moeilijk te beantwoorden, want van nature complex. Naast de feiten – wat ook wel de uiterlijke levenslijn wordt genoemd – bestaan er in een mensenleven ook de gevoelens, die de innerlijke levenslijn vormen. Beiden vormen samen dat wat ‘de identiteit’ wordt genoemd. Overigens een begrip met een beperkte houdbaarheidsdatum, want om te ontwikkelen als mens moet men in ieder stadium van zijn leven de aldus ontstane identiteit wederom loslaten. Hoe stabiel is dan ‘het zelf’ of ‘het zelfbeeld’? Kunnen we pas van ‘echte’ zingeving spreken als we uitgaan van het kale, naakte ‘zijn’? Of veranderd wat we verstaan onder ‘zin’ en ‘zingeving’ in iedere fase van ons bestaan? Zodat de vraag stellen mogelijk is, maar een bevredigend antwoord zo goed als onmogelijk. Zelfs onnodig.

Wat hier aan de orde is: de kunst van het stilvallen. Als ieder antwoord onzinnig is, althans voor dit moment, helpt niets anders dan stilte, of het stilvallen. Het geval wil dat ‘men’ dan soms spreekt van ‘depressie’ of van psychische fenomenen die met uitval te maken hebben. Vanuit historische contexten wordt uitval gezien als negatief. Dat kan gevoelsmatig versterkt worden door schaamte, angsten en schuldgevoelens. Tegelijkertijd is uitval een grensgeval, in die zin dat er in ‘het persoonlijke leven’ blijkbaar een grens is overschreden die ‘de persoon’ er toe dwingt stil te staan, stil te vallen, activiteiten of ambities stil te leggen. Welke grens dat is blijft een individuele zaak. Duidelijk mag zijn dat individu en omgeving elkaar reflecteren en dat iedere diagnose meerdere kanten op wijst. Ondanks alle vooroordelen is er gelukkig wel wat veranderd als het gaat om de verbreiding van inzicht en begrip. Al zou een kaarsje opsteken ter nagedachtenis van alle verwoeste levens hier wel op zijn plaats zijn.

Eén van de lastigste aspecten van ons bestaan, in het bijzonder op het gebied van verlies lijden, is de kwestie van ‘er later in je leven achterkomen dat de ideeën die je al vroeg had opgedaan in een laat stadium heel anders blijken te zijn dan je had gedacht’. Wat wil zeggen dat je mogelijk hebt geleefd met illusies, leugens of voorstellingen die vals bleken te zijn, of op zijn minst slechts gedeeltelijk waar.

‘Had je dat niet vijftig jaar eerder kunnen zeggen?’ vroeg mijn grootvader – aan moederszijde – toen hij tegen de tachtig liep, aan een retraite deelnam en een priester net had verteld dat voorbehoedsmiddelen gebruiken toch wel eens had gemogen. Toen mijn opa door die gebeurtenis zat te kniezen over zijn 12 kinderen merkte mijn oma op: ‘zou je er één hebben willen missen? Zijn antwoord: ‘Nee’.

Het omarmen van je mislukkingen of je dwalingen is wellicht het grootste geschenk dat je jezelf kunt geven. Het laat zien dat definities als negatief, positief, goed of slecht, tijdelijk zijn en afhankelijk van het gekozen perspectief. Dit is jouw leven en alles wat je gevormd heeft hoort daar bij. Dan gaat het ook minder over identiteit en meer over betekenis. Ook dat is tijdelijk, net als dat wat zin geeft aan een leven. Is dat erg? Wees maar blij dat sommige dingen niet eeuwig duren. Wel zo handig.


The desire to do something

“Go west, young man.” That must be the thought or saying that prompted my great-grandfather to emigrate to the Netherlands from South West Bohemia in 1870. Born in an agricultural environment, but soon infected by the virus of modernity – industrialization was in full swing around his birthplace and he wanted to be a part of it – obviously his ambitions transcended those of his immediate family.

That last fact – great ambitions – says nothing about how meaningful his activities in the low countries have been. The question of the meaning of life, or the meaning of ‘a life’, is difficult to answer anyway, because it is naturally complex. Besides the facts – which is also called the outer lifeline – there are also the feelings in a human life, which form the inner lifeline. Both together form what is called ‘identity’. Incidentally, a concept with a limited shelf life, because in order to develop as a human being one must once again let go of the identity thus created at every stage of life. How stable is ‘the self’ or ‘the self-image’ then? Can we only speak of ‘real’ meaning if we start from the bare, naked ‘being’? Or does what we mean by ‘meaning’ and ‘understanding’ change in every phase of our existence? So that asking the question is possible, but a satisfactory answer is almost impossible. Even unnecessary.

What is at issue here: the art of standing still. If every answer is nonsensical, at least for the moment, nothing helps but silence, or the silencing. As it happens, ‘people’ sometimes speak of ‘depression’ or of psychological phenomena that have to do with dropout. From historical contexts, dropout is seen as negative. This can be emotionally reinforced by shame, fears and feelings of guilt. At the same time, dropping out is a borderline case, in the sense that in ‘personal life’ a boundary has apparently been crossed that forces ‘the person’ to stand still, to stop, to stop activities or ambitions. What that limit is remains an individual matter. It should be clear that the individual and the environment reflect each other and that every diagnosis points in several directions. Fortunately, despite all the prejudices, things have changed when it comes to the spread of insight and understanding. Although it would be appropriate to light a candle in memory of all the destroyed lives here.

One of the most difficult aspects of our existence, especially in the area of ​​loss, is the question of ‘finding out later in life that the ideas you had early on turn out to be very different from your own at a later stage, other than you had thought’. Which is to say that you might have lived with illusions, lies or representations that turned out to be false, or at least only partially true.

“Couldn’t you have said that fifty years earlier?” my grandfather—on his mother’s side—asked as he approached eighty, attended a retreat, and had just been told by a priest that contraceptives could have been allowed. When my grandfather was moping about his 12 children because of that event, my grandmother remarked, ‘Would you have missed one? His answer: ‘No’.

Embracing your failures or errors is perhaps the greatest gift you can give yourself. It shows that definitions like negative, positive, good or bad, are temporary and dependent on the perspective chosen. This is your life and everything that has shaped you belongs to it. Then it is less about identity and more about meaning. That too is temporary, just like that which gives meaning to a life. Is that bad? Just be glad some things don’t last forever. So handy.


Advertisement

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s

%d bloggers like this:
search previous next tag category expand menu location phone mail time cart zoom edit close